Deze maand was een koude maand, en het regende veel. Dus we waren niet naar het zwembad geweest. Toen het eindelijk lekker weer werd, zei mijn moeder dat we nu wel een x naar het strand konden gaan. Dat deden we. Het was lekker weer dus we doken snel de zee in. Toen we weer naar huis gingen zat er allemaal zand in onze kleren. Dat was niet zo leuk. Toen we in de auto zaten werden we door de buren gebeld dat onze een deel van onze
inboedel gestolen was. We schrokken heel erg. De politie kwam ook maar kun er niks aan doen. Gelukkig werden we een maand later door de politie gebeld dat het gevonden was. Gelukkig.

Hoi Joas, even een puntje: in een verhaaltje schrijf je geen x maar ‘keer’. X is sms-taal. Twee keer een zin achter elkaar met ’toen’beginnen is niet zo mooi. Verder een leuk verhaaltje!
Ha Joas, heel herkenbaar dat zand dan overal. Kijk nog even naar de zin waarin inboedel voorkomt. Die loopt een beetje mal. En ik denk ook een backspace geven. Je bedoelt vast bij kun kon? Graag gelezen, hoor, er zit vaart in je verhaaltje.
Dat is zuur. Een pechvakantie zogezegd. Let op dat je niet teveel het woordje toen gebeurd. Dan krijg je een opsomming. En toen … en toen … en toen. Je kunt het voorkomen door andere woorden te gebruiken of het anders te vertellen. Probeer het maar eens. Wel een leuk verhaal. Top.