De wind laat het gaffel getuigde grootzeil bollen en zeilend over spiegeling van al wat ik geleden heb, ben ik op reis gegaan. Herinneringen maken de meegenomen bagage zwaar beladen. Op weg naar een nieuw begin, proberend alles aan wal achter te laten, moet ik deze reis alleen gaan. Heb maan en bossen bij me ingescheept dus voel mij niet alleen. Ik heb me eenzamer gevoeld tussen mensen dan op deze uitgestorven en oneindig lijkende plas met water. Wind en schemering om boeg en tuig maken er een schouwspel van dat me ontroert en me nietig laat voelen. In die ontroerende nietigheid vind ik mijn geluk en met het hart aan het roer, vaar ik vastberaden voorbij de laatste stad.

In bovenstaande stuk heb ik het gedicht ‘voorbij de laatste stad’ van Gerrit Achterberg, verwerkt. Dit is het origineel:
Aan het roer die avond stond het hart
en scheepte maan en bossen bij zich in
en zeilend over spiegeling
van al wat het geleden had
voer het met wind en schemering
om boeg en tuig voorbij de laatste stad
mooie tekst, doet me ook aan Slauerhoff denken, de scheepsarts die overal vaarde maar zich ook ontheemd voelde
@José dankjewel voor het prachtige compliment. Extra bijzonder, aangezien Slauerhof en ik dezelfde geboorteplaats, Leeuwarden, delen.