Reintje was een kleintje en was gek op kabeljauw
hij ving ze uit het water met een net gemaakt van touw
de stroom die liep in bochten om zijn mooie lemen hut
dus reizen voor wat eten had daarom geen enkel nut.
Reintje schrok eens wakker van geritsel in de nacht
het kwam vanuit de hoek en het ademde met kracht
het bleek een kabeljauw met een hele grote haak
die kreeg het niet meer los uit de bovenlip en kaak.
Reintje heeft de haak toen uit de bovenkaak gekregen
hij was er van geschrokken daarom ging hij overwegen
om verder te gaan zoeken want het leek hem niet verkeerd
hij hield het niet bij vis alleen en at gevarieerd.


Wat een geestig gedicht, broeder Vork! Ik heb hardop gelachen. <3
Heel grappig, maar ook knap gedaan!
Origineel gekozen. De laatste twee zinnen vind ik wat moeilijk lezen. Maar dat kan geheel aan mij liggen.
Beste VmetdeVork,
Goed werkje.
Het lullige was dat ik mijn aanpak à la een rederijkersballade is grote lijnen klaar had, inclusief hoeks, kabeljauws, en twisten.
Mijn bijdrage toch maar afgemaakt en gepubliceerd.
Ik hoop dat je ‘m kunt waarderen.
Met vriendelijke groet = hartje,
Chris