Oma fantaseert over Simon Keizer. Het lijkt haar heerlijk om hem verlegen te maken aan de Volendammerdijk. “Ik wil hem het schaamrood op de kaken brengen,” vertelt ze me terwijl ze een teug zuurstof neemt. Ze erkent dat ze hem nooit ontmoet heeft, “maar het is wel iemand om een avondje uit te gaan, een etentje, en misschien zelfs meer? Hij is aantrekkelijk omdat hij zo braaf overkomt. Wie weet is hij dat niet, maar mijn gevoel zegt dat het wel zo is,” zegt ze verder.
“Ik zou wel plotseling beetgepakt willen worden en over een schouder gedragen de drempel over gaan”, fantaseert mijn 85-jarige oma.
Ik neem afscheid, oma neemt hoestend nog wat zuurstof.
“Dag omaatje lief.”
“Dag jongen.”


Dan heeft ze een goede smaak.