“Ik wil weer kolen stoken, weer de was in een grote ketel op een petroleumstel koken. Ik wil weer een zakje blauw in de witte was. Ik wil mijn boodschappen weer bij Piet de Gruyter ( en 10% en betere waar) doen en dan natuurlijk het snoepje van de week. Ik wil dat meel en rijst weer afgewogen in een papieren zak meegegeven wordt. Ik wil dat melk weer per halve liter afgemeten wordt en direct in mijn steelpannetje terecht komt. Ik wil weer Verkadealbums en Flipjeverhalen. Paulus de Boskabouter op de radio en Barend Bluf. Ik wil weer ijsbloemen op de ramen van mijn slaapkamer. Ik wil vooral de gulden weer terug, die goede oude gulden, centjes en stuivers.”


Die grote zilveren rijksdaalder, dat was nog eens een munt!
En deze mensen geloven zichzelf ook nog.
Ik wil zwart-wit televisie; Flipper; Catweazle en Lassie. Ik wil blauwe nummerborden. Ik wil geen BTW meer. De Thunderbirds. De kleuterschool en lagere school. Barend Biesheuvel. Spel zonder frenzen. De Lach. Hotpants en minirokken. De flower-power. Hoepla. Den Uyl en Van Agt. Speldjes, lucifermerken, sigarenbandjes en suikerzakjes sparen. Ik wil Van oude mensen en dingen die voorbij gaan. Het klaverblad bij Utrecht terug. Een patat met voor 25 cent. De commerciëlen weg, Nederland 3 weg. Ik wil geen inspraak, geen MR of OR. Ik wil orde en gezag. Kleinburgerlijkheid. Stiekeme seks. Volle kerken. De Eppo. Ik wil al het goede terug van vroeger, toen geluk nog zo gewoon was. Kan dat wellicht? Oh ja en de bazooka voor vijf cent.