Zij droomt over prinsen op witte paarden.
En over reizen door de ruimte.
Dromen belanden op de maan.
“Ik hou van je tot de maan.”
“En ik hou van je tot de maan en terug.”
Niemand heeft haar ooit verteld hoe je liefhebt.
Dat ging vanzelf.
Ze houdt van papa en mama.
Ze houdt van haar zusje.
Liefhebben kan ze goed, dat weet ze.
Ook de mannen in haar latere leven.
Ze heeft hen allemaal liefgehad.
En op termijn afscheid genomen.
Loslaten kan ze ook.
Behalve hem.
Hij zit nog in elke porie, in elk plekje van haar geest.
Haar hart is nog vol van hem.
Dat hebben ze haar nooit geleerd: hoe neem je afscheid van je grootste liefde?


Recente reacties