Van de werkplaats van toen herkent Bram niet veel. Het lokaal lijkt in oppervlakte verdubbeld. Er staan nu machines om het hout te bewerken en er is, om zaagsel naar hedendaagse maatstaf af te zuigen, mechanische ventilatie aangebracht.
Alleen de werkbank van meester Vlaming is gebleven. Op de wand daarachter nog de de omtrekken van zagen en beitels; het gereedschap is achter slot en grendel opgeborgen. Een whiteboard en een vrouwvriendelijke jaarkalender zijn de enige decoratie in het klaslokaal.
Veiligheidsvoorschriften halen alle romantiek uit een werkplaats, verzucht Bram.
Zijn klasgenoten van toen herkent hij meteen.
Samen halen zij herinneringen op.
‘Nee, de jodelaar is niet meer. Maar hoe Vlaming dat deed, nadat hij op zijn duim had geslagen, blijft legendarisch.’


Mooi beschreven reünie.
Ik denk aan het lied Tranen gelachen van Guus Meeuwis.
De leraren van toen zijn sowieso legendarisch. Leuk stuk Alice.
Wat een mooi compliment Lousjekoesje, dank je wel
Ja dat is echt zo Luc. Met veel plezier denk ik terug aan een paar van mijn (excentrieke) leraren op de Havo. Leuke herinneringen
@Alice: leuk, het was ook een van mijn associaties bij jodelen.
En ik denk dat we het allemaal wel eens in die context hebben gedaan. Au!