De heer Vreeswijk trekt zijn instappers aan, dan kan hij er ook niet in trappen.
Hij wil een vieze man ontlopen, maar die schijnt hem altijd te ruiken terwijl dat toch eerder andersom is: de man heeft een walm om zich heen met een zuurgraad waar zelfs een wastunnel niet tegen bestand is.
‘Hé, je veter is los, ouwe.’
De heer Vreeswijk laat zich niet foppen, loopt stoïcijns door en wordt door de vieze man uitgescholden.
Gelukkig, daar loopt zijn buurman van verderop, een oud-leraar Duits, van zijn niveau.
‘Guten Tag Herr Vreeswijk. Wissen Sie dass Ihr Schnürsenkel locker ist?’ zegt de buurman op een toon alsof hij Goethe citeert.
‘Haha, humor. Ik was er bijna in getrapt, beste buurman.’


Dat Guten Tag Herr Vreeswijk!!! En ook het beste buurman.
Goed gedaan, Han
Dank je levja.
Leuk lesje Duits.
Lousjekoesje. Dank je.
De ene met ballen in zijn buik en de ander met een halfje bruin in de boodschappentas. Ik zie de ontmoetingen voor me. Geen grap!