‘Ik verkoop mijn brood onder de minimumprijs, en de ovens staan op maximum,’ zegt de bakker. ‘Anders krijg ik nooit een lagere omzet en een energierekening van 12,5% daarover,’ is zijn analyse.
Minimaal 12,5% van de omzet moet door hardwerkende middenstanders aan energie worden betaald om 50% vergoed te krijgen.
De Groningse slager verkoopt Groningse mosterdsoep ver onder de prijs. Ook ter ondersteuning van de Groningers. Dit beleid heeft hij met de bakker overlegd, een memo hierover is zoekgeraakt.
‘Hier, neem maar alvast mee,’ zegt de slager – het is een scheurkalender van 2023. ‘Om twee uur sluit ik, anders wordt mijn omzet te hoog. Ik zal toch voor mijn Limburgse halfbroers met wie Derk Bolt mij heeft gematcht moeten zorgen.’


Een lekkere column weer, Han, sterk neergezet. Ook de titel is fraai gekozen.
Als halve Groninger maak ik nog regelmatig Groningse wittebonensoep, die de kenmerkende smaak verkrijgt door de toevoeging van Groningse boerenmetworst.
Alleen in de supermarkten wordt deze worst met metworst aangeduid, wat eigenlijk foutief is. De Groningse slager in Groningen noemt deze worst, geheel terecht, een Groningse droge worst.
Ik las vanzelf ‘gras’, maar ‘gas’ is natuurlijk toepasselijker.
Grappig hoe je meneer spoor er weer bijhaalt. Maar het zijn wel echt serieuze zaken.
Ewald. Leuke achtergrondinformatie. Dank je. De volledige column: http://www.hanmaas.nl/453437300
Lousjekoesje. Ja, dat lees je algauw.
Sterke titel, Han. Goed stukje ook, hoewel de laatste zin met Derk Bolt voor mij afbreuk doet. Toch een hartje als steun voor Groningen.
Levja. Dank je. De laatste zin vind ik juist satirisch geslaagd en qua actualiteit passend, al zeg ik het zelf.
Han, voor jou dus en voor mij dus niet. Gelukkig is niet iedereen hetzelfde.
Levja. Precies.