Kwart voor negen. De heer Vreeswijk is op tijd binnen. Hij heeft bij nicht Alida zijn tijd verspild aan ‘Goede Tijden’, die slecht zijn. En ‘Wie van de Drie’ is zó retrospectief.
O jee, stel dat hij zijn sleutels bij Alida had laten liggen, dan moest hij weer terug. En dan krijgt hij een bekeuring, dat zal je altijd zien. Of hij valt en breekt wat. Wie vindt hem dan op de verlaten straat? O… in wat voor slechte tijd leven we toch.
Of als de buurvrouw aanbelt en hij niet kan doen alsof hij niet thuis is, omdat je wel thuis móét zijn. Hij een lamp voor haar vervangt en zijn voordeur door de tocht in het slot valt…


@Han. Leuk stukje wederom. Wanneer verschijnt de grote ‘Heer Vreeswijk roman’?
Ja Han, boekwaardig!
Peter. Als er een uitgever voor te vinden is!
Willem, dank je wel!