Schrijf mee!
« »

Fictie

Toen ik in Afrika was (2)

6 maart 2019 | 120w | N.D.D. | 4 |

De zwarte man brengt ons naar het land rond de rivieren. Er zijn veel grijze kroonkraanvogels. Hij zegt dat zij ons zullen beschermen en ons zullen waarschuwen als er gevaar dreigt. We moeten dicht bij de kolonie blijven, maar ook niet zo dicht dat we hen afschrikken. Hij zegt dat we hun gedrag moeten afkijken. Als ze in de bomen vluchten, dan zoeken we best ook een boom op. Zot gewoon. Dat zulke grote beesten in bomen slapen. Stel je voor dat de zwanen en de kalkoenen dat bij ons ook gaan doen.
Ze zijn oogverblindend mooi. Ze hebben een zwarte kuif, een rood vlekje in de hals en een gouden waaierkroontje. En ze houden van dansen, net als ik.

Waarderen en delen

Waardeer je dit stukje van N.D.D. of juist niet? Geef hieronder een en/of deel het met anderen!

soortgelijke stukjes

6 reacties

Reageren

120
Wees geen muurbloem, laat je mening achter!
Houd het netjes. Je hebt 120 woorden. Huisregels.

Heb je dit stukje ook al gewaardeerd?

Geen zin om de volgende som op te lossen? Log dan in! * De CAPTCHA-code is verlopen, probeer opnieuw.


« »