Met hangende pootjes over de rand zit ze met haar dikke kont vast in de in de kruik op de kast.
Ze had zich voor de zoveelste keer door de hond op de kast laten jagen. Wiebelend en niet wetend wat nu te doen kijkt ze naar de grommende hond.
Bij nog meer beweging zal de kruik in stukken vallen. Dat is zeker. Maar ze kan daar toch niet blijven zitten? Die dikke kont komt er niet zomaar uit. Zonder scherven zal ze zich nooit bevrijden. En ongetwijfeld zal zij op haar donder krijgen weer iets kapot te hebben gemaakt.
Ze zal moeten accepteren dat er brokken van komen. De vraag is hoe ze de hond de schuld kan geven.


Recente reacties