‘Hallo, verstaan jullie mij?’
Egge, die te midden van de anderen in de schaduw ligt, schrikt van de stem en springt onmiddellijk op. Hij ziet de reus met de lange, bruine haren.
‘Je kunt met ons praten?’ vraagt hij.
Ze heeft iets in haar hand waaruit gebrom komt. Daarop bromt ze zelf iets en kort daarop klinkt uit het apparaat: ‘Ik heet Iris. Hoe heet jij?’
‘Egge.’
‘Hallo Egge. Zou ik vanavond met een paar van jullie kunnen spreken?’
Egge zoekt Zegge met zijn ogen.
Deze knikt. ‘Met een paar van ons is goed.’
Egge wendt zich weer tot Iris. ‘Dat kan. Onder deze boom, als de zon net onder is.’
‘Prima.’ Ze loopt weg.
Egge kijkt haar verwonderd na.


Ze kunnen praten en elkaar verstaan via via. Super.
Ja, ja! 😉