Den Haag. Vandaag beijverde een minister zonder portefeuille zich ontrieft zijn brieventas op te duikelen. Een staatssecretaris, mét portefeuille, schoot hem, aimabel doch niet geheel onbaatzuchtig, te hulp.
De hoge heren zochten in zowel de eerste als tweede kamer, de portiersloge en het kabinet in en onder zetels, het spreekgestoelte, het partijbureau en de oppositiebanken. Geen portefeuille! Wel een wapen! Feit was dat deze ontdekking hen zowaar aan het denken zette. Want noch het pistool, noch de excellenties bleken, tot dusver en welzijn onzer maatschappij, ooit daadkrachtig. Hun bevroeden bewerkstelligde de minister van straat. Ons kent ons, toch?
Eén considerabele vraag restte en stemde hen ernstig: wat met het wapen gedaan? Of gelaten?
Vinden ze morgen in Amsterdam een oplossing?

Prachtig woordspel!