Koen moest nog een brief de deur uit krijgen. De postronde was al geweest, dus liftte hij naar de Postkamer. Daar liep hij tot zijn ontsteltenis bijna aan tegen een man met een zonnebril op en een witte stok met rode ringen in de hand. De man liep enigszins aarzelend naar de gesloten deur naar de gang.
Het hoofd van de postkamer zag de schrik en legde uit: “Dat is meneer Bokstra, die is blind.“
“Wat doet hij hier?
“Hij werkt daar,” zei de beheerder en wees op een deur achterin de postkamer, die op een kier stond. Achter de deur was het aardedonker.
“Zijn daar geen ramen?”
“Nee, dat klopt.”
“Stikt ie dan niet?”
“Airconditioning,” was de simpele uitleg.


In het land der blinden is eenoog koning.
Sterk stukje.