Mijn oma’s heb ik nooit meegemaakt. De ene was al dood voordat mijn moeder mijn vader leerde kennen, de ander schijnt mij als baby nog in haar armen te hebben gehad.
Gelukkig werden beide opa’s wel oud.
De vader van mijn moeder was een echte heer. Ik was altijd onder de indruk van hem: zijn huis was groot en donker, hij was baas bij de Etna-fabriek en mijn moeder zei zelfs u tegen hem.
Ook zijn kleren waren sjiek, in mijn verbeelding droeg hij altijd hetzelfde driedelig pak, en had hij een gouden zakhorloge en een monocle.
Maar tegelijkertijd was het zijn lijfspreuk dat we allemaal bloot geboren waren, en dus tegen niemand hoefden opzien.
Opa, dankjewel voor mijn moeder.

Jouw opa was toch niet mijn oudoom, hè? Die zag er ook als een heer uit met zijn driedelig pak en gouden zakhorloge (geen monocle, trouwens).
Leuk stukje, Lisette. Mijn hartje heb je.
Liefdevol Lisette
Mooie herinnering, Lisette.
@Marlies, het wordt steeds persoonlijker op onze 120 woorden-site! Vorige ronde werd ik nog aan Matthijs gekoppeld, en nu zou ik familie van jou zijn. Nee hoor, ik denk dat mijn opa en jouw oudoom prima in hun tijdsbeeld pasten.
@Nyceway en @Levja: mijn dank is groot, evenals de liefde voor mijn opa en mijn moeder
Dat denk ik ook, Lisette, dat jouw opa en mijn oudoom in hun tijdsbeeld pasten.
Mooi!
@Ewald, dank, erg graag gedaan!
Mooi, vooral de laatste zin!
Heel mooi, Lisette. Liefdevol geschreven.
@Katie, dankjewel, ik vond het zelf ook een leuke vondst.
@Nel, dank, mijn lieve opa is het waard.
Die kerels had je vroeger. Mijn oom uit Amsterdam zei dan altijd: ‘Die heeft zijn hart op de juiste plaats: In zijn portemonnee.’
Aardig stukje.
Gr.+<3,
Chris
Dank, Chris
Mooi, vooral die laatste zin! O, dat is al eerder gezegd, maar het is ook opvallend mooi 😉
Ik sluit me aan bij de reactie van Katie
De liefde zit ‘m in de staart dus… @Ingrid en @Irma