“Jullie mogen me niet! Jullie nemen me niet serieus!”
“Ssst,” zeg ik terwijl mijn wangen kleuren, en ik bied mijn excuses aan: “Dat was ik niet. Dat was mijn ongenoegen. Ik probeer hem stil te houden, maar dat lukt me niet altijd.”
Mijn gesprekspartners kijken me verstoord aan.
“Verman je,” zegt de oudste, “hou je ongenoegen onder controle. Stel je voor dat wij ons ongenoegen vrijuit lieten spreken.”
Je voldoet niet, fluistert iets bijna onhoorbaar door de kamer, je bent incompetent.
Ik merk dat mijn ongenoegen zich geneert en zich verstopt, ergens tussen mijn angst en mijn zucht naar wandelingen op het strand.
“Zo is het beter,” zeg ik, “dank jullie wel. Waar hadden we het ook al weer over …”

Gijs, je hebt een bijzondere, geheel eigen stijl. Prettig om te lezen.
@Gijs: mag ik ook wat ongenoegen spuien? Waarom niet alles in de tegenwoordige tijd? Is dat niet veel reëler?
Weer een echte Gijs Smit!
Ik ben het met Levja eens: waarom niet in de TT? Ik denk dat mooier is.
@Ewald, dank je wel.
@Levja, @Marlies. Tegen twee kan ik niet op. Ik heb er tegenwoordige tijd van gemaakt!
@Gijs; niet boos worden, hoor, maar het kan nog beter.
Dat was ik niet. Dat was mijn ongenoegen … Dat ben ik niet, dat is mijn ongenoegen. “Stel je voor dat wij ons ongenoegen vrijuit lieten spreken.” lieten ook vervangen door laten.
En …”Waar hadden we het ook al weer over …” Zou ik schrijven: ” En waar hebben we het eigenlijk over?
Ik bedoel dit niet tot je ongenoegen, maar tot aller genoegen …