Dagelijks komen de meest vreselijke dingen voorbij: milieurampen, onthoofdingen, (jonge) vrouwen gestenigd om hun kledingkeuze, en dichter bij huis, oude dametjes die soms jaren overleden in hun woning liggen voor ze gevonden worden (stankoverlast). Nee, het vertrouwen in de mens wordt er niet door gesterkt.
Soms is er licht in de duisternis. In een klein Brabants stadje (want: stadsrechten) bladerde ik laatst in een antiquariaat enthousiast de bak langspeelplaten door. Nadat ik een mooi stapeltje wilde afrekenen, kwam ik erachter dat ik niet genoeg contant geld op zak had. Pinnen was niet mogelijk. De man pakt een papiertje en schrijft wat nummers op.
“Mijn rekeningnummer. Als je belooft dat je het een dezer dagen overmaakt, mag je ze meenemen hoor.”


Dag Frank,
Ja, het zijn van die kleine dingen die de hoop bevestigen dat de meerderheid van goede wil is.
Wel heb ik twee puntjes (ook goedbedoeld):
Als de oude dames al jaren dood in hun woning liggen, is er volgens mij geen sprake meer van stankoverlast (Dat klinkt cru, maar goed, het zij zo).
Volgens mij moet het ‘de man pakte’ zijn.
Han, die stankoverlast hangt ook een beetje van de lichaamsbouw (hoeveelheid vet), temperatuur en luchtvochtigheid in huis (en dus ook bijvoorbeeld het seizoen), samenstelling van darmflora, en eventuele aanwezigheid van huisdieren af. Maar ik snap je punt, op een gegeven moment zal de ergste stank wel weer verdwijnen.
Qua de tt/vt van de een-na-laatste zin heb je wellicht gelijk, maar ik vind het vaak de levendigheid wel wat ten goede komen door daar een beetje mee te spelen.
Mooi stukje, Frank <3
Het zet dingen weer een beetje in perspectief.
Je maakt me wel nieuwsgierig welk Brabants plekje tot jouw verwondering stadsrechten heeft, en hoe groot of hoe klein dat dan wel is.
Kwestie van perspectief 😉