Het is winter. Hij weet wat dat betekent. Een paar maanden in de schuur of het hok in. Op zich niet zo’n probleem. Er zijn meer lotgenoten die eventjes geparkeerd staan. Niet zo belangrijk als hem natuurlijk. Hij zorgt immers voor groei, is broodnodig en onmisbaar. Een belangrijke voorwaarde om de winter goed te overleven.
Maar toch beklaagt hij zich. De afgang na de herfst had beter en zorgvuldiger gekund. Op zijn minst even een doekje om zijn schouder en over de buik. Gewoon om wat glans te bewaren. De sproeigaatjes even doorprikken kan ook geen kwaad. Zorgt voor een betere doorspoeling in de lente, wanneer hij weer nodig is. Voorlopig geen water, maar gevleugelde overwinteraars in buik en slurf.

Toch een nuttig bestaan gedurende de wintermaanden… Kan ook niet ‘iedereen’ zeggen.
Een design-idee voor bijenhoteluitbaters.
Dank je Nel.
Bovenstaande reactie per abuis bij verkeerd stukje geplaatst.