‘Als jij eens opschiet, dan kun je me helpen met het inruimen van de vaatwasser.’
‘Ik dacht dat ik na het eten direct in bad moest.’
‘Daar heb je nog gelijk in ook. Ga maar vast naar boven om je uit te kleden.’
‘Moet jij de vaatwasser dan alleen doen?’
‘Ja, maar dat lukt me echt nog wel.’
‘Als je dat goed kunt, ben je dan een in-zetter?’
‘Nee dame, dat moet je als moeder gewoon kunnen.’
‘Dan ga ik maar naar de badkamer.’
‘Goed idee, mama komt er zo aan.’
‘Mam, kom je nou nog?’
‘Ja hoor. Heb je de kraan zelf al aangezet?’
‘Ja mam, allemaal water. Heb ik helemaal zelf gedaan! Ben ik nu een echte badkamer-onderzetter?’


<3 voor je alleen-dialoog. Daar heb ik wat mee 🙂
Ik weet niet of je erop zit te wachten, maar ik heb wat punten ter overweging.
– de stemmen zijn niet echt onderscheidenlijk. Dat roept bij mij als lezer het beeld op dat het niet vanuit de personages is geschreven …
– de plot is duidelijk en leuk gevonden, maar de aanloop heeft dialoog als bladvulling n.m.m. Ik snap wel dat je weleens wat moet op 120w, maar toch.
– een meisje dat de badkamervloer laat onderlopen is hooguit een jaar of 5. Ik vind het taalgebruik niet bij die leeftijd passen (als je dat oplost zijn de stemmen ook verschillend) 🙂
Ze is zes Leonardo en een ontzettende wijsneus, mijn stiefdochter. Dagelijks sta ik er versteld van welke woorden er uit haar mond rollen. Ze is dol op taal en leest me vaak vloeiend bladzijden uit haar kinderboeken voor. Wat een contrast met haar oudere zus die te kampen heeft met zware dyslexie. Gebaseerd op een waargebeurd verhaal dus, alleen gebruikte ze het woord badkamer-onder-water-zetter. Dank voor je tips. Ik ga er nog eens over nadenken hoe ik het geloofwaardiger zou kunnen vormgeven.
Toen ik haar in dezelfde badkamer vroeg om eens stil te staan omdat er nog een onderdeel uitgetrokken moest worden (haar trui), antwoordde ze me ‘dat is een bovendeel.’
Ok, Karin. Bedankt voor je fb op mijn fb 🙂
Oeps, mam kan het werk, ze heeft haar handen maar vol met deze onderzetter. Misschien wel hetzelfde meiske als mijn boomversierster. Heel leuk!
Met de eerste opmerking van Leonardo, vrij vertaald dat het begin (tot die vraag met ‘inzetter’) wat overbodig overkomt, ben ik het wel eens. Dat de stemmen in een dialoog altijd heel erg onderscheidend moeten zijn, zie ik niet zo. Dat hoeft voor mij niet in alle gevallen. In dit stukje stoorde het mij in elk geval niet.
Dus toch een hartje voor de tweede helft. 😉
<3
moet denken aan floddertje