Ze kijkt op haar horloge en schakelt nerveus een versnelling hoger. Ze is hopeloos te laat en ze heeft geen excuus, tenzij dat ze geen zin had om te vertrekken maar zich uiteindelijk toch bedacht heeft. Als ze het marktplein opdraait, rinkelt haar telefoon als bezeten. Ze kijkt op het schermpje: hij. ‘Ja. Sorry dat ik te laat ben, maar ik sta nu op de markt.’ Aan de andere kant van de lijn wordt het even heel stil, alsof hij haar niet gelooft. ‘Hoe, je ziet me niet? Ik sta hier te zwaaien.’ Opnieuw stilte en twijfel. ‘Geloof je me niet? Ik sta hier wel degelijk in Bordes, ik snap niet wat je in dit gat komt zoeken. Wat?………… Gordes?’


tetoemetoch! <3
De derde zin loopt niet goed, volgens mij hoort het woord tenzij daar niet, in ieder geval niet op die manier.
😉 in Bordes hebben ze nochtans mooie gites
Ik moest lachen. Misverstandje 🙂 <3