Ik liep door een bloemenwereld naar een sprookjeskasteel. Een leeuwenbekje hield grommend de wacht en liet de bovenkant van zijn kelk dreigend omhoog krullen. Snel kwam een elfje aangerend en stak haar handje in het sleutelgat. De poort klikte open. Ze was duidelijk een sleutelbloem. Een aantal viooltjes speelden een concert van Saaikovski. Na afloop klapten de klaprozen het hardst.
Ik liep een grote zaal in waar een meterslange tafel gedekt was.
‘Mmmhh’ dacht ik ‘een lekker honingbeschuitje met aardbeitjes zou er wel ingaan’
‘Plantaardige boter?’ vroeg een boterbloemelfje naast me.
‘Graag.’
Het elfje rochelde en spuugde een grote fluim op m’n beschuitje.
Stilletjes schoof ik het beschuitje van zich af.
‘Snot is snot ook al is ‘ie van elfjes.’

Recente reacties