Lentezang voor mijn lief
De eerste zonnestralen koesteren zacht mijn huid
het muffe binnen ruil ik in voor buiten
de witte lakens wapperen stralend als een bruid
de wind strijkt zachtjes langs mijn blote kuiten
De vroege merels zingen luid hun lentezangen
blizende bloesem viert feest op de takken
en laat mij weer naar jou, mijn lief, verlangen
ik loop hier stralend op mijn hoge hakken
De koeien zijn verlost uit donkere winterstallen
een boerenzwaluw keert terug van lange winterreis
krokussen sieren het gras in duizendtallen
en in de bermen bloeit uitbundig blauwe ereprijs
Een kievit roept vergeefs haar eigen naam
de witte lakens wapperen stralend als een bruid
ik open wagenwijd mijn zolderraam
de eerste zonnestralen koesteren mijn huid


Nel: zo wordt het jaar, de natuur, de mens en de liefde weer wakker
Ja! Ik kan niet wachten na deze stormachtige grijze weken.