“We willen kaas,” zeiden we tegen de man van de winkel.
De man schrok hevig. “Dan moeten jullie op de zuivelafdeling zijn,” stamelde hij.
We gingen naar de zuivelafdeling, maar daar was geen kaas. Gevlucht, constateerden we. We verspreidden ons over de winkel op zoek naar de kaas. We liepen tussen de vleeswaren, het broodbeleg, de groenten, de conserven. Uiteindelijk vonden we de kaas verstopt tussen de groene kool en de broccoli. Hij was bang. Hij bibberde en zweette, maar daar lieten we ons niet door vermurwen. Met de kaas in ons mandje liepen we naar de uitgang van de winkel. De man van de winkel stond daar, helemaal wit weggetrokken. We groetten hem en toen gingen we naar huis.

Wat een grappige fantasie heb jij toch! <3
Tja, wie draagt kaas nog op de juiste manier? Zo te zien zijn jullie juiste kaasdragers. Draag ik een warm <3 toe.
@Marlies, @Levja, dank jullie wel.
Ik ga elke zaterdagochtend met mijn zoon boodschappen doen; hij drijft mij tot dit soort fantasieën.
Beter poëtisch dan proletarisch winkelen, toch?
Eerder prozaïsch …