‘Wat nou anders’, schreeuwde hij vanaf zijn balkon. Zijn stem klonk schor, er lag een gemene hardheid in. Ik keek omhoog, nog net zag ik een flard van een gestreepte badjas door de schuifpui naar binnen gaan.
Met een ferme klap schoot de deur in het slot. De spijlen van het balkon begonnen trillend te zingen. De bloempot op de rand tolde en begon aan een vrije val. Met een ferme klap sprong de pot in scherven uiteen.
De eerst nog vrolijke lentebloeiers veranderden in geknakte wanorde.
Achter de glanzende ruit boven bewoog iets, gedempte stemmen weerkaatsten tegen het glas. Er was iets gaande, ik hield me stil en bleef uit zicht.
Ademloos wachtte ik op een verandering.

Recente reacties