Vorige zomer was de gevierde schrijver Guillaume Chevalier voor het eerst in Nederland, waar hij genoot van de relatieve anonimiteit die hij ontbeerde in zijn thuisland.
De derde avond van zijn verblijf vroeg de gastheer of het de auteur beliefde een portie watergruwel te consumeren.
Guillaume Chevalier keek de man even aan en schoof vervolgens zijn stoel wat naar achter.
“Watergruwel,” zo begon hij,” is inderdaad een passende naam voor deze contreien.”
Zijn vrouw porde hem voor hij een tirade over waterwinning kon beginnen.
“Schat, hij bedoelt er een dessert met dezelfde naam mee.”
De auteur van menig bestseller begon licht te blozen toen hij twee kommetjes zag aanrukken.
De gastheer glimlachte.
“Heeft u weer stof voor een nieuw verhaaltje.”


Een smakelijke 120w!