Na veel gezaag gingen de ouders overstag en besloten uiteindelijk toch een hond te nemen, maar twijfelden nog over het ras. Ze maakten een lijstje met punten waar hun viervoeter volgens hen diende aan te voldoen: type vacht, grootte, kindvriendelijkheid, bereidheid tot aanleren van commando’s, omgang met andere dieren, gewenste frequentie van wandelingen en nog meer dergelijke vragen.
Ze dropten de lijst in de digitale allesweter en waren verrukt met het resultaat. Ze planden meteen een aanschaf bij een erkende fokker en enkele weken later mochten ze het nieuwe gezinslid verwelkomen.
Helaas vond het dier zijn gegeven naam niet fijn en koos bij de eerste de beste gelegenheid het hazenpad.
Fifi, wat voor gezag zou hij hebben in de buurt.


Wel toepasselijk naam voor een hond toch? Fifi macht ein Fifi … oder?
Het kan nog erger. Je hond ‘Druppel’ noemen. Echt gebeurd. Een grote grijze poedel, die heel vroeger bij ons in de straat werd uitgelaten.