De stemmen in zijn hoofd waren ’s morgens al begonnen.
Haar sollicitatiegesprek bij de uitgeverij zou om 11.00 uur beginnen.
Kon hij niet beter thuisblijven? De stemmen klonken indringender dan anders.
De zon scheen toen zij de voordeur achter zich dichtdeed.
Hij nam de bus naar het treinstation. De stemmen zouden later misschien wel ophouden.
Zij nam de metro naar het treinstation.
Hij nam de roltrap naar perron 6.
Zij nam de roltrap naar perron 6.
Stampvol perron. Genadeloos reed de trein het station binnen.
‘Duwen, nu! Waar wacht je nog op?’, riep een van de stemmen zeer dwingend. Hij deed wat hij doen moest.
‘Mevrouw Beaulieu laat het blijkbaar afweten vandaag. We gaan lunchen’, zei iemand bij de uitgeverij.

Recente reacties