‘Zolang ik me morgen herinner dat ik me er vandaag te druk over heb gemaakt, zit het wel snor.’
‘Ja, dan is er niets mis met je. Dan hoor je nog niet bij een op de… Hoeveel is het ook alweer?’
‘Ooms, tantes, neven en nichten, ik zie ze fotografisch voor me, net zoals filmfragmenten, satirische sketches en voetbalwedstrijden. Maar namen…’
‘Ik ga, anders wordt ze ongerust.’
‘Ik moet naar het station. De groeten aan… je vrouw.’
‘De andere kant.’
‘Wat?’
‘Het station is de andere kant op.’
‘Waar bleef je nou?’
‘Ik werd opgehouden.’
‘Door wie?’
‘Ach… je weet wel, hij met die grote neus. Wat eten we?’
‘Bal gehakt met pastinaak – nee hè!’
‘Wat?’
‘Vergeten pastinaak te halen.’


Tsja, een mens kan ook niet alles onthouden…
Ik heb de eerste zin een aantal keer gelezen, ik vind m echt mooi.
En hoe je afsluit met de vergeten vergeten groente vind ik een vrolijkmakend einde.
Beter dan Alice kan ik het niet zeggen. Wel kan ik een hartje toevoegen.
Alice en Ewald, hartelijk dank.
Mooi, Han.
Inge, dank je wel.
Alles klopt aan dit stukje. Ook mooi het schrijfthema erin verwerkt.
De titel komt terug in de slotzin. Heel mooi.
En blij dat pastinaak weer terug is. Misschien ga ik er dit weekend soep mee maken.
Levja, dank je hartelijk! Eet smakelijk.
Niet zo snel, Han. Ik moet de soep nog maken.
Ja, dingen vergeten is menselijk en het hoeft niet meteen Alzheimer of dementie te zijn. Vergeten groente zou bijna niet meer zo moeten heten omdat het steeds meer bekend wordt. Maar wie ben ik? Geen keukenprinses. Ja, vergeten groente heb je als het overkookt, ofzo.
Lousjekoesje. Vergeten groente is te lekker om te vergeten.