‘Wat wil je? Je zit in de laatste groep van de basisschool. Tien minuten fietsen van ons vandaan en je wilt een elektrische fiets! Ik heb geen luiwammes opgevoed.
Iedereen van je vriendjes op school heeft er een. O, dan ga ik gelijk er een voor je aanschaffen.’
‘Echt?’
‘Wat denk jezelf? Natuurlijk niet. Als je vriendjes inderdaad elektrische fietsen hebben dan sporen hun ouders niet maar ik betwijfel of het waar is.’
‘Jim heeft er een. ‘
‘Ah, Jim. Zijn ouders sporen inderdaad niet. Zij kunnen beter meer aandacht aan hun zoon geven dan hem overladen met cadeaus.’
Vaders mobiel gaat. Hij neemt op.
‘Dat was Jims moeder. Ze heeft slecht nieuws over hem. Hij heeft vandaag een fietsongeluk gehad.’


Ha Andrea, je stukje zet me wel tot denken. Op zich is dat goed 😉
Zijn de ouders van de jongen gescheiden en is hij nu bij zijn vader?
Nog meer is mij een raadsel waarom de moeder de vader belt over Jim. Ik zou eerder denken dat zij dan de zoon belt, aangezien Jim een vriend van hem is.
@Andrea: long time, no read! Leuk dat je weer bent
De gang naar het voortgezet onderwijs was dé gelegenheid voor een “nieuwe” fiets. Tegenwoordig inderdaad een E-bike. Ik had er een, na een aanrijding meteen de deur uit gedaan. Grt.
Hoi Levja. Dank voor je reactie.
Ik heb het aangepast. Beter zo?
Hoi Liseete.
Groetjes
Hoi Luc
Onlangs las ik dat Veilig Verkeer Nederland stomverbaasd is over het aantal kinderen uit groep 7 en 8 dat met een e-bike het verkeersdiploma afleggen.
Vandaar dit verhaal.
Gefeliciteerd Weekwinnaar. Groet Andrea
Ja, voor mij meer begrijpelijk. Het had wat mij betreft nog meer mogen knallen, Andrea.
Ik heb ook de wijsheid niet in pacht, maar ik dacht hieraan:
‘Jims moeder. Vandaag heeft hij een ongeluk gehad met die verduvelde e-bike. Snap je nu waarom?’