“De tijd vliegt nogal, hé. Morgen is het reeds zijn Grote Waarheidsdag.”
“Ik ben blij dat we niet langer hoeven te liegen tegen hem.”
“Echt liegen was het niet, hé. Eerder de waarheid verborgen houden.”
“Wat zullen we eerst vertellen? Over de Kerstman of over de Paashaas?”
“Denk je niet dat hij dat al weet? Onder klasgenoten moeten ze het er ongetwijfeld al over gehad hebben.”
“Dan zeggen we dat wij niet zijn echte ouders zijn en dat hij erfelijk belast is en gedoemd geofferd te worden aan de goden.”
Beiden gniffelen onhoorbaar.
“Sssst… wacht eens… hoorde je dat ook?”
“Wat? Nee, hoor. Je beeldt je waarschijnlijk iets in.”
“Misschien. Weet je wel zeker dat je zijn slaapkamerdeur gesloten hebt?”


Recente reacties