Ik heb goesting.
Wat?
Goesting naar ambiance.
Amai, waar komt dat vandaan zunne?
Lang genoeg binnen gezeten.
Waar?
In de winter.
Daar hebt ge een punt?
Een punt? Een pint zult ge bedoelen.
Gij hebt echt goesting.
Sjuust.
Hoe gadde gij dat oplossen?
Heel eenvoudig. Met munne droogzwierder.
Nee, hoe doede gij dat dan?
Eerst ga ik naar mijn favoriete stamineeke.
En dan?
Dan bestel ik een pint.
Ik volg u.
En vervolgens gooi ik hem in munne droogzwierder.
Ach zo. En helpt dat dan?
Met de sjuuste pint, zeker.
Leffe?
Blond!
En dan?
Wachten op d’n uitkom.
Dan kunde gij lang wachten.
Hoezo?
Het is sjuust februari.
Ik heb d’n tijd.
U neemt d’n tijd.
Inderdaad. Voilà!
Santé.
Santé.

Neem je me kwalijk dat ik van boven de rivieren ben?
Sorry, maar ik doe niet aan rivieren.
Eerder aan beekjes bier.