“Effe een vette bek halen bij het station?”
Ze fronst. Ongezond voedsel, veel vlees: niks voor haar, de biologisch dynamische dierenliefhebster. Maar na een paar alcoholische versnaperingen is er niks fijners dan even wat vet naar binnen werken. Liefst gezond vet, maar je kunt niet alles hebben.
“Ze hebben daar nu een vegetarische snackbar,” probeer ik haar te overreden. “Met heerlijke lupineballen, gefrituurd in rijstolie, en verse oesterzwammenkroketten. Plantaardige baconburgers met zonder vlees, kindvriendelijke kapsalons met vegakaas en zonder haren, groenteburgers zonder burgers, karmabroodjes shoarma. Alles met gemengde salade.” Het water loopt mij al in de mond.
Ze lijkt echter nog te twijfelen.
“Zelfs de ogen van de patatten zijn diervriendelijk verwijderd!”
“Goed, laten we maar een patatje oorlog nemen.”


Politiek correct schransen? Een lekkere draai geef je er aan!
Met vriendelijke groet,
Chris
Een gat in de markt lijkt me @Jack
De vegetarische snackbar bestaat echt! Ze zitten in Den Haag bij Hollands Spoor en tegenwoordig ook ergens in Amsterdam.
Het verbaast me niets. De vegetarische, veganistische en/of macrobiotische doelgroep zal in die steden groot genoeg zijn.
Leuk stuk. In ‘baconburgers met zonder vlees’ staat een woord te veel. Of laat je dat in de dialooog met opzet fout zeggen. Zou ook nog kunnen.
je wordt er bijna antivegetarier van!! Geef mij maar een lekkere vleeskroket