‘Lekker op tijd. Ik heb mijn prakkie boerenkool net op.’
‘Je kunt ook vragen, waarom ik te laat ben, maar dat interesseert je natuurlijk niet.’
‘Het interesseert me wel, maar jou kennende, heb jij je smoes al klaar.’
‘Als jij flauwvallen, in een drukke rij bij de kassa, een smoes noemt, zijn we uitgepraat.’
‘Wie viel er flauw dan?
‘Wat dacht je van de persoon die voor je staat?
‘Je hoefde alleen maar mosterd te halen, je hormonen speelden zeker op, bij het zien van die blonde del die achter de kassa zit.’
Dat zal het geweest zijn, door haar is mijn prakkie overigens al lekker opgewarmd, meteen maar aanvallen dus.
Wil jij soms nog wat mosterd na de maaltijd?

Ik heb je altijd al als doortastend beschouwd Tjitske. Moest je het zelf overigens nu zonder mosterd doen?