13 jaar
“We moeten naar het ziekenhuis. Mama is opgenomen”, zegt papa.
Het is niet de eerste keer. Het is spannend, ze heeft kanker.
Ik ben boos, maar hoopvol.
23 jaar
“Je moet naar het ziekenhuis komen, hij heeft een auto-ongeluk gehad”, zegt de vriendin van mijn beste vriend.
Het is de eerste keer. Het is spannend, hij ligt in coma.
Ik ben boos, maar hoopvol.
33 jaar
“Je moet naar het ziekenhuis komen, het gaat niet goed met haar”, zegt de arts van mijn vriendin.
Het is de eerste keer. Het is spannend, ze wordt in slaap gehouden.
Ik ben boos, maar hoopvol.
Nu
Mama is hoopvol.
Vriend is hoopvol.
Vriendin is hoopvol.
En ik, ik ben niet boos.

Je bent nog jong.
Morgen opnieuw hopeloos boos worden.