“Mijn huis is van mij”. ‘Dat zeiden ze toen ik het kreeg. “Ze” zijn de mensen die hier de baas zijn. Nee, helaas kan ik niet specifieker worden. Waarom niet? Omdat ze anders mijn vrouw oppakken en mijn kinderen naar een opvoedingsgesticht sturen! Ik kan je alleen dit zeggen: Mijn huis is niet van mij. We wonen er namelijk met nóg drie gezinnen! In vier kamertjes meneer. Vier! De muren storten in en de wc is kapot! Al járen…’ Ik laat deze woorden even op me inwerken. ‘Wat moet je doen om het te repareren?’ De man kruipt wat dichter naar me toe. ‘Dan moet je een aanvraag bij ze indienen… Vervolgens bepalen ze… Misschien zeg ik al te veel…’

Recente reacties