Ik poep dolletjes. Dat is lang geleden. Het maakt me enorm blij. Geen bolletjes en ook geen drollletjes. Dolletjes. De dokter is ook blij. Meestal doet het poepen pijn. Zo’n fijne patient heeft dokter lang niet grhad. Kraaiend van plezier trek ik mijn broek omhoog.
‘Ho, ho!’, roept dokter een heel klein beetje bozig nu. Eerst even de kruier vervangen. Een klein kaboutertje met rode puntmuts spurt snel weg. Hij laat het kruiwagentje staan voor zijn opvolger. Daar is ie al. Kaboutertje Plop met bruine puntmuts. Meestal wordt ie opgetrommeld voor het zware werk. Hij is een beetje teleurgesteld. Is dat alles?
De kleine dolletjes worden bepaald niet dolletjes opgeveegd en op zijn kleine kromme beentjes spurt Plop driftig weg.

Recente reacties