Nummer 31. Hij heeft het gele kaartje uit de rode nummertjesapparaat van het Juridisch Loket getrokken en zoekt schichtig een plaatsje in de wachtruimte. Allemaal vreemde gezichten voor Dave. Vrienden, die tot de bom vorige week barstte dikke maatjes met hem waren, zouden hem hier op het oranje kuipstoeltje niet herkennen. Hij was geen schim meer van de man die met zijn onontkoombare luidruchtige jovialiteit iedere ruimte waar hij binnenkwam vulde. Altijd het hoogste woord èn een goedgevulde portemonnee waarmee hij in het café het ene rondje na het andere gaf. Bij deze zoon uit een slagersfamilie mocht het altijd een onsje meer zijn.
Hij had bezoek gekregen van de Fiod. Aan alle ‘onsjes meer’ had Dave zich lelijk vertild.


Sterke invulling @Alice
@Alice. Leuk gebruik van het thema. Beeldend geschreven. Kleine opmerking: de rode nummertjesapparaat moet zijn het rode nummertjesapparaat.
èn moet zijn én. Hartje!
Dankje Levja en Han. @Han, ik zag ook de ‘de’ ipv ‘het’ toen ik de geplaatste tekst nog eens las. Bedankt voor de tip van de apostrof.
Een mooie en originele invulling van het thema, Alice.
Realistisch beschreven, zo kan het gaan.
mooie schets Alice van een gevallen zakenman
Dankje José. Het kan raar lopen …