“Incassobureau Euribeuri, ik bel over die factuur.”
“Factuur?”
“Van onze opdrachtgever.”
“Opdrachtgever?”
“Die u die factuur gestuurd heeft.”
“Welk bedrag?”
“Heleboel geld plus onze kosten, gevalletje euritreuri.”
“Hoeveel?”
“U moet elfhonderd op onze bankrekening storten. Euripleuri dus.”
“Waarvoor?”
“Die factuur, nou niet eurizeuri doen hoor.”
“Bedrijf!? Producten!?”
“Een kruidenier; ketchup, mosterd en mayonaise zie ik. Eurismurrie dus.”
“Elfhonderd euro? Voor wat smurrie?”
“Nee, ook bloemen en planten, eurifleuri dus en mijn eurileuri moet u ook betalen.”
“’t Is meer eurisleuri!”
“Hahaha, leuk.”
“En als ik niet betaal?”
“Dan wordt het eurispeuri en euripeuri.”
“Dat is?”
“Net zolang geld zoeken tot we het vinden en dan lospeuteren, want geld stinkt niet.”
“Geld stinkt wel.”
“Nee hoor.”
“Wel! Eurimeuri!”
“Eurigeuri?”
“Ja dahag!!!”

Recente reacties