Als jongetje woonde ik in Den Bosch in een noodwoning. Die woningen waren na de oorlog gebouwd vanwege de heersende woningnood. Niet ver daar vandaan begonnen de polders. Een favoriete bezigheid was om met een boomtak over slootjes te springen.
Ik keek naar het water en zag de schrijvertjes die tussen de waterplanten dansten. Langs de slootkant sprong een kikvors over het gras. Het beestje glibberde even in mijn hand en sprong toen weer weg.
Thuis zei ik tegen mijn moeder, ‘ik heb een kikker gevangen’.
‘Gauw je handen wassen dan.’
‘Mam, weet je wat ik wil worden?’
‘Toch geen kwakbol hoop ik.’
‘Neen, een schrijvertje dat alles ziet wat er gebeurt en er dan een mooi verhaal van maakt!’


@Jose, leuke anekdote. Is het echt zo gegaan?
Ik zou een volgende regel kiezen bij ’toch geen kwakbol hoop ik’
En ik zou ook een volgende regel doen bij ‘Gauw je handen wassen dan.’
Leuk, mooie conclusie voor een jong jochie. 🙂
Maar eh, wat is een kwakbol?
Leuk gevonden @José. Ook schrijvertje.
Kwakbol? Leuk steuk!
Leuk verhaal
dank voor jullie reacties; een kwakbol is de naam van een visje, ik herinner me dat van toen ik een jongetje was en heb het ook gegoogeld. Een schrijvertje is ook een waterdiertje, het komt ook voor in een gedicht van Guido Gezelle en schrijvertje heeft natuurlijk ook een andere betekenis zoals ieder weet die hier schrijft. Ik voeg nog een paar alineas in.
Leuk @José Gefeliciteerd.
Gefeliciteerd!
HG schrijvertje is een blijvertje
Dank voor de felicitaties! We gaan moedig door!
@José, mooi geschreven. Gefeliciteerd met het weekwinnaarschap!
dank je @Ineke