Anna las laatst ergens dat er niet alleen in citrusvruchten, maar ook in wijn citroenzuur zit. Dat heeft een mens nodig!
Ze mijmerde in haar leunstoel.
De fles stond naast haar. Ze nam nog een glas, zou het al het zesde zijn, ze wist het niet meer zo zeker.
Ik zou best weer eens een mooie jonge vent in mijn bed willen hebben, ik ben zeker toch nog wel een lekkere meid!
Zo rond middernacht viel ze in slaap. In haar dromen zag ze de innige omhelzingen en voelde ze hoe ze zich overgaf.
’s Morgens keek ze in de spiegel en zag de afdrukken van het kussen in haar brede gezicht. Je bent kansloos Anna.
De druiven zijn zuur!


Geweldig.
Ach, arme Anna! Het wijntje zal er vast niet minder om smaken 🙂
Arme Anna inderdaad.
Misschien haar gedachten schuin zetten?
Ach, die Anna.