Half drie, zaterdagnacht, de telefoon, wreed werd ik uit mijn slaap gewekt. Mijn hart bonkte in mijn borstkas, de jongens zijn thuis, wist ik, vervolgens, een wirwar van gedachten aan onze ouders. Dit allemaal in de luttele seconden voor ik bij de telefoon was. Het lukte me mijn naam eruit te persen, Ria… vervolgens, stilte. Aan de andere kant, werd de verbinding verbroken. In bed, lag ik, nog natrillend, te schelden, onfatsoenlijk, dat iemand het niet eens op kan brengen “sorry” te zeggen. Nu kreeg ik niet eens de kans te zeggen dat het niets hinderde, dat ik blij was, dat ik niet het vreselijke bericht kreeg, dat ik verwacht te krijgen. Blij dat ik vandaag oprecht “GOEDEMORGEN” kan zeggen!

Recente reacties