In de grote stad had mijn moeder altijd haast. Alsof ze er niet wilde zijn. Ik weet nog hoe ze me als kind meesleepte. Met mijn arm omhoog voortgetrokken, terwijl ze mijn hand stevig vasthield. Samen in ons zondagse kloffie.
Dorpsmensen deden altijd hun zondagse kleren aan als ze naar de grote stad gingen, dat hoorde zo.
Dan gingen we nieuwe kleren kopen. Naar de kleren keek ze nauwelijks. Aan de prijskaartjes zag ze wat ze mooi vond. Daarna gingen we naar ‘Onder de Luifel’.
Koffie zonder suiker voor moeder en iets met prik voor mij. Tot de bus kwam en we naar huis konden. Terug naar het veilige Wergea, waar moeder me niet meer stevig vast hoefde te houden.


Nostalgie
Mooi, nostalgisch inderdaad. Goed het sfeertje beschreven van een beetje angst, maar vooral onder de indruk.