“Ziet u?” zegt Hij, “De muren zijn neer. De ruïne is nu zichtbaar vanaf ooghoogte”
“Nee u hoeft mij niet aan te kijken. Dat daar, waar ik van verteld heb. Dat telt.”
Buur kijkt verschrikt op.
“Welksch een malloot?..”
“Ik had graag eens over uw muurtje gekeken” zegt Hij nog.
Hij verzwijgt liever helemaal geen muurtje te zien.
Bescheidenheid siert Hem tenslotte.
Buur schrikt.
“Mijn muurtje neerhalen? En je dan zo mijn stukje grond laten overzien?”
Buur snapt Hem niet zo goed terwijl buur dat wel graag wilt.
“Ik heb gezien en begrepen” zegt buur,” maar ik durf nog niet zo”
Dan snapt hij het eindelijk.
“Buur, ik ga een boek schrijven om mijn ruïne aan de wilgen te hangen”


Recente reacties