Ja, met wie spreek ik?
—
Lieve heer?
—
Welke?
—
Ik ken er verschillende.
—
De …!?
—
Ja, maar meneer …!?
—
U hoeft me niet te overtuigen …!
—
Bekend? Waarvan dan?
—
Televisie?
—
Kijk ik niet meneer.
—
Internet?
—
Dat is wel heel groot.
—
Madam Tussaud?
—
Waar staat u dan?
—
Op de bovenste etage.
—
Dichtbij God?
—
O, gaan we die kant op?
—
Nee, ik ben niet gelovig?
—
Dat hoeft niet per se?
—
Waar wil u naartoe lieve heer?
—
Samen op stap …?
—
Dan wil ik u eerst beter kennen.
—
Hoe?
—
Vertel eens iets over uzelf?
—
Waar u geboren bent bijvoorbeeld?
—
Kentucky …!?
—
Fried chicken?
—
KFC?
—
Ja … ken ik.
—
Maar staat dat ook in uw paspoort?
—
Heeft u niet?
—
En een BSN?
—
Burger Service Nummer.
—
Ook niet?
—
Bestaat u dan wel?
— — —

@Mien: maar wel veel vragen!
Vroeger wist iedereen waar de telefoon hing, stond, was. Tegenwoordig weet elke telefoon waar jezelf bent…
@Lisette: De antwoorden staan er nu ook op. Zie: Geen vraag.
@Luc: Klopt. Hij achtervolgt me ook voortdurend, dat enge ding.
Grappig. Nu de andere kant van de lijn lezen.