Op gezag van mezelf heb ik besloten om het gezag eens en voor altijd onderuit te halen. Opdat het nooit meer opstaat. Verguist. Maar het lukt me niet. Steeds komt het weer bovendrijven. Dan hijgt het plots in mijn nek en lacht me uit. Daar ben ik weer. Kiekeboe. Niet echt leuk. Het gezag komt ook altijd ongelegen. Maar meestal wel net op tijd. Voiral op die momenten waarop ik de mist dreig in te gaan. Als een vakse redder in nood wacht hij dan tot het allerlaatste moment met ingrijpen. Totdat ik smeek. Help me. Ik stel me dan altijd voor op dat moment dat ik droom. De vernedering is dan minder groot. En dromen zijn altijd bedrog. Toch?

Recente reacties