Hoe kun je een afbeelding maken van iets waarvan je het origineel nooit hebt gezien? Dat kan natuurlijk niet. Je kunt hooguit doen alsof. Je tekent een cirkel en zegt: ‘dit is de hemel,’ of een vierkantje, ‘dit is de hel,’ of een poppetje met een kale kop, ‘kijk, dit is Xenites’. Of Xenites kaal was, is niet te achterhalen. Je kunt ook een filmpje maken waarin een B-acteur met lange baard op een kameel zit, en dan kun je zeggen: ‘dit is de profeet.’ Hilariteit alom, althans, dat zou je verwachten. Sommigen denken er anders over. ‘Het is verboden de profeet af te beelden,’ wordt geroepen. Denken ze werkelijk dat hij er uit ziet als een slecht geklede B-acteur?

Ook een woord, met name het zelfstandig naamwoord, kan worden beschouwd als een afbeelding van iets. Het woord ‘profeet’ of ‘Mohammed’ zou dan niet gebruikt mogen worden. In het Jodendom werd dit probleem ‘opgelost’ met de letters JHWH, waarmee het gebruik van een afbeelding echter niet kon worden voorkomen, ook al was het een afbeelding van iets dat niet gekend werd. Anders gezegd: zonder kennis van het origineel is elke afbeelding fantasie die niets om het lijf heeft – zonder betekenis.
De naam van de god uit de Bijbel is niet echt bekend. Er zijn vele omschrijvingen van wie hij is of zou zijn, zoals de: Almachtige, Enige, Levende, Ik Ben enzovoort, maar de naam zelf staat nergens geschreven. Voor JWHW is gekozen om de naam onuitspreekbaar te houden, zelfs al is het de naam niet.