Hieronder verstaat men de aarde met al haar ellende, in tegenstelling met den hemel, het oord der gelukzaligheid. Alom de hele wereld dus, maar in het klein ook een gehucht in Groningen, tevens een jammerdal een galgenheuvel, toe maar, een wereld vol verdriet, plaats van droefheid, erger nog ondermaans. Maar er is ook hoop, los gezien nog van het feit dat tranen ook zoet kunnen zijn, een uiting van geluk. Niet in een dal, hoewel daar ook geluk te vinden is, maar ook op de vlakte, in heuvels en hobbels en zelfs, vooral boven op de berg on top. Onder strakblauwe hemel in volle zon, maar ook bij zwaar weer en in de mist. Vochtige ogen daar draait het om.

Recente reacties